Luc De Raedemaeker
Winterse ovenschotel met ‘Choux de Bruxelles’
istock_spruiten
Spruiten zijn een echt Belgisch product. De teelt bleef decennia lang beperkt tot onze contreien, vooral in de omgeving van Brussel. Vandaar de namen choux de Bruxelles, Brussels sprouts, Brüsseler kohl, col de Bruselas. Spruiten hebben een mild-bittere koolsmaak. Ze worden hoofdzakelijk als bijgerecht gegeten. Je kan er natuurlijk ook een heerlijke ovenschotel mee maken. We maken een ovengerecht met spruiten, wortelen en worstjes. We serveren dit gerecht met een klassiek Belgisch dubbel abdijbier waarvan de Westmalle Dubbel nog steeds een uitstekend typevoorbeeld is.

Ingrediënten:

  •  6 chipolata’s
  •  500 g spruitjes
  •  2 wortelen
  •  bosje fijngesnipperde platte peterselie
  • 800 g aardappelen
  • 2 rode uien
  • 2 teentjes knoflook
  • 3 el. balsamicoazijn
  • 2 el. olijfolie
  • 2 el. Westmalle Dubbel
  • Peper & zout

Bereidingswijze:

  1. Verwarm de oven voor op 180 °C.
  2. Snij het voetje van de spruiten en snij ze in twee.
  3. Schil de aardappelen en snij in hapklare stukken.
  4. Kuis de de rode uien en snij in ringen.
  5. Schil de wortelen en snij ze in ronde schijfjes.
  6. Verdeel de aardappelen, de uien, de wortelen en de spruiten over een grote ovenschaal.
  7. Pers er het knoflook over.
  8. Besprenkel met de balsamicoazijn, de olijfolie en het bier.
  9. Kruid met zwarte peper en zout. Meng alles goed onder elkaar.
  10. Leg er de chipolata’s bovenop.
  11. Gaar het geheel ± 35 min. in een voorverwarmde oven.
  12. Haal de schotel uit de oven en bestrooi met de fijnhakte peterselie.

Pairing:

We kiezen voor een ‘oerklassieker’: de Westmalle Dubbel. Het bier heeft een licht zoete en moutige aanzet, gevolgd door een subtiel bittere afdronk. Het bier omarmt de gekarameliseerde spruiten en voegt een frisse toets toe aan het geheel. Als alternatief kun je zeker een Affligem Dubbel, Ter Dolen Donker, Herkenrode Bruin of een Brugse Zot Dubbel nemen … om er maar enkele te noemen.

Cover © Lekker Van Bij Ons

Foto © Bart Van der Perre