Yannick de Cocqueau
Zeg nooit meer
ITALIAN grape ale
De Italianen mogen dan wel aan de bron van (de populariteit) van de stijl liggen ze zijn al lang niet meer de enigen die zich wagen op de grens tussen de wijn- en de bierwereld. Dat het de wijnlanden zijn die de spits afbijten, hoeft geen betoog, maar brouwers overal ter wereld die een experiment niet schuwen zien 'cross-overs' naar andere gefermenteerde dranken wel zitten. Hybrides van bier en mede (bragot), cider, sake of wijn (grape ale) hebben dan ook een flinke opmars gekend. Als er zonder kennis van zaken wordt gehandeld, kan dit weleens verkeerd uitdraaien (het is meer dan gewoon 'samen kappen'), maar als het goed gedaan wordt krijg je gewoon het beste van twee werelden tegelijk voorgeschoteld.

In het geval van een grape ale is de beste basis dat er een intense samenwerking ontstaat tussen wijnboer en brouwer. Er zal namelijk beroep moeten worden gedaan op de expertise van beiden om tot een mooi resultaat te komen. Er zullen namelijk niet al te veel brouwers zijn die ook alles afweten van druiven en vinificatie en ook al is het algemeen geweten dat de wijnboer na een werkdag liefst van een frisse pint nipt, hij is daarom nog geen brouwer.

Voor de kleine ijstijd had België een best mooie wijnscene en met de klimaatverandering zou dit wel eens sneller terug kunnen zijn dan we denken. Sommigen hebben daar echter niet op gewacht, hebben decennia geleden ranken aangeplant, ervaring opgedaan en zich een reputatie opgebouwd. De klimaatverandering is voor hen eigenlijk gewoon een ‘bonus’ en de kwaliteit van Belgische wijnen is er de laatste jaren nog wat sneller door vooruit gegaan. Als twee ervaren rotten in hun vak beslissen om samen te werken en hun expertise te combineren dan zie je ons op de zijlijn alvast juichen. Dat is precies wat gedaan werd in West-Vlaanderen waar Bourgogne des Flandres (als die niet voorbestemd was om ooit in de wijnwereld te belanden weten we het ook niet meer) en Monteberg met elkaar gingen praten en wel potentieel zagen in een samenwerking. Het resultaat werd zopas gepresenteerd en wij hebben alvast beslist om dit jaar de bubbels te vervangen door deze gulden middenweg tussen bier en wijn.

Het project begon al goed, de druivenoogst was in 2022 dankzij een warme nazomer van uitzonderlijke kwaliteit. Er werden vier witter druivenrassen geselecteerd die zich vooral goed voelen in wat frissere gebieden: Solaris, Siegerrebbe, Kerner en Pinot Gris. Dit moest gerant staan voor een volle fruitige toetst (rijpe druif en perzik) met tegelijk een fris zuurtje van groene appels en citrus. Als de wijnboer vier druiven krijgt, kan de brouwer niet achter blijven en zo kreeg het bier haar body mee door vier granen te gebruiken: haver, tarwe, spelt en uiteraard gerstemout. Het ‘sap’ van graan (3/4) en druif (1/4) hebben dan samen mogen vergisten om daarna nog te worden afgewerkt met een dry-hopping met Nelson Sauvin (een hop die bekend staat om zijn ‘Sauvignon Blanc’ aroma). Zo krijg je dus een mooi aperitief waarvan de makers de beleving beschrijven als: “De aangename aanzet dompelt ons eerst onder in de wereld van de wijn, met een fijn bruisend karakter dat fris, frivool en rijk aan aroma’s is om daarna plaats te maken voor de zachte, complexe basis van het bier en een subtiel bitter toetsje.”

De fles hebben we al, maar zoals gezegd, die is dus opzij gelegd om de feestelijkheden waarmee het jaareinde gepaard gaat te openen. Proefnotities proberen we dan ook nadien mee te geven. Tenzij we dit even ‘vergeten’ te doen … er zijn maar 2500 flessen beschikbaar.